![]() |
400 - 1031
|
|
Het Duitse RijkNu we twee aparte delen hebben, Frankrijk en Duitsland, gaan we verder in dat deel waar later het Limburgs grondgebied zal liggen: Duitsland, of het Ottoonse Rijk. In 925 had Hendrik I de Vogelaar, oprichter van de Ottoonse Dynastie; Lotharingen definitief ingelijfd; van nu af aan liep de grens tussen Frankrijk en Duitsland gelijk met de Schelde. Voortaan waren Rijn en Maas verbonden door dezelfde politieke bestemming. Omdat de Noormannen er minder schade hadden berokkend, herrees het Duitse Rijk het eerst. Dank zij het episcopaat was het Karolingische ideaal er beter bewaard gebleven, terwijl het soevereine gezag er minder bestreden werd en de centrifugale krachten er minder invloed hadden. Overigens had dat ook zijn redenen. Het onafhankelijksstreven van sommige Duitse prinsen vormde namelijk een bedreiging voor de zelfstandigheid van de bisschoppen. Door zich te verzetten, kwamen ze niet alleen op voor zichzelf, maar zetten ze zich ook in voor het eenheidsideaal. In hun strijd tegen de prinsen speelden de Duitse vorsten bijgevolg in de kaart van de Kerk. Otto I, die in 936 Duits koning werd, baseerde zijn politiek op de Kerk. Hij was zich bewust van het belang van de Kerk en besloot haar invloed in zijn voordeel aan te wenden. Bisschoppen en abten werden zijn vazallen en zijn ambtenaren zijn vertegenwoordigers van macht. Op 2 februari 962 werd Otto door Johannes XII tot keizer gekroond en gezalfd. Het Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie was een feit. |
|